Onze zoon Koen, (asperger), is inmiddels 18 jaar hij laat ons nog geregeld glimlachen, maar vroeger had hij toch de leukste uitspraken, omdat hij zich er toen nog geheel niet van bewust was, vaak komisch te zijn met zijn woordkeus.
Ik had een klein boekje waar ik ze in op schreef, ook van zijn broertje Wim.
Dit teruglezend brengt bij ons allemaal weer een glimlach op ons gezicht
b.v. Toen hij tien jaar was tegen een vriendje: Ben jij ook ergens verliefd op??
En: mama ik heb eigenlijk nog geluk dat ik geen verkering heb, want de drie leukste meisjes in de klas zijn nog over!
En: Die middelste dingen in je ogen zijn toch je populieren?
Rond Sinterklaastijd: Sinterklaas is toch een bisschop mam? Maar hij schopt toch niet??
Als Koen 7 jaar is, wil hij een keertje nog niet slapen. Ik ben het zat en zeg: Je gaat nu slapen.
Dan ga ik huilen, antwoord Koen. Ik zeg dan huil je maar even… Antwoord Koen: ja, maar dan komt mijn hele bed onder zout…!
Mama, ik wil een appel, maar haal je wel even de huisklok eruit?
Koen aan het kleuren, ineens maakt hij allemaal krassen over het blad. Ik zie dit en zeg: Koen wat doe je nu?
Antwoord: Ik maak kunst!
Ik had een collecteweek voor Roemenie en had Koen verteld dat als Wim uit bed was, we met de bus rond zouden gaan… Toen Wim uit bed was, pakte ik de collectebus en zei tegen Koen, kijk hier is de bus, jij mag hem dragen..
De verbazing op zijn gezicht en teleurstelling spraken boekdelen..: Dat is geen bus, zei Koen, we zouden met de bus rond gaan…. Het duurde een paar huizen met vriendelijke mensen die snoep uitdeelden, voordat hij over de teleurstelling heen was. (Toen hadden we nog geen diagnose, dus zijn kindertijd heeft Koen veel last gehad van vage onduidelijke boodschappen).
Koen was ruim 3 jaar, toen hij zijn eerste fiets met zijwieltjes kreeg. Apetrots reed hij door de garage en zei: Nu ben ik groot, he mama, nu kan ik vanavond met papa naar de vergadering!
Tot zover mijn bijdrage..
Groetjes Thea Vreman